Landelijke Vereniging voor Vitiligo-Patiënten

Hoe ontstaat vitiligo?

De precieze oorzaak van vitiligo is nog onbekend. Er zijn verschillende theorieën ontwikkeld, die elkaar niet uitsluiten. De meest gangbare theorieën zijn:

De auto-immuuntheorie

Sommige onderzoekers menen dat vitiligo een auto-immuunziekte is, een stoornis in het afweersysteem van het lichaam. Het immuunsysteem richt zich dan niet tegen infecties van buitenaf maar tegen weefsels en/of afzonderlijke cellen van het eigen lichaam. In het geval van vitiligo wordt aangenomen dat deze immunologische reactie de vernietiging van pigmentcellen veroorzaakt. Deze theorie over het ontstaan van vitiligo is mede gebaseerd op het feit dat andere auto-immuunziekten vaker voorkomen bij patiënten met vitiligo, zoals bepaalde ziekten van de schildklier, de ziekte van Addison (het tekortschieten van de bijnier), alopecia areata (een bepaalde vorm van haaruitval) en suikerziekte. Deze relaties zijn echter zo zeldzaam dat systematisch onderzoek van alle patiënten met vitiligo op het voorkomen van auto-immuunziekten niet zinvol is.

De genetische theorie

Volgens deze theorie zou vitiligo een erfelijke ziekte zijn. Bij 30-40 % van de patiënten is er een positieve familie-anamnese die wijst op een erfelijke factor. Er zijn recent specifieke auto-antilichamen tegen menselijke melanocyten aangetoond. Dit geeft steun aan de theorie dat vitiligo een auto-immuunziekte zou kunnen zijn. Bij identieke tweelingen blijken vitiligoplekken tegelijkertijd op dezelfde plaatsen voor te komen. Ook het feit dat vitiligo vaak voorkomt bij verschillende personen binnen één familie wijst erop dat erfelijke factoren een rol kunnen spelen bij het ontstaan.

De melanocyten-celvernietigingstheorie

Deze theorie veronderstelt dat de pigmentcellen worden vernietigd door stoffen die vrijkomen bij de vorming van melanine (huidpigment). Normaal bestaat er een beschermingsmechanisme dat deze stoffen onschadelijk maakt. Bij vitiligo zou dit beschermende mechanisme echter zijn ontregeld. Wat voor deze theorie pleit is dat bij patiënten met vitiligo de witte plekken het meeste voorkomen in die gebieden die normaal het meest gepigmenteerd zijn en dus de sterkste vorming van melanine hebben.

De neurogene theorie

Deze theorie is gebaseerd op de waarneming dat in vitiligoplekken een stoornis optreedt in de functie van het zenuwstelsel. Men denkt dat vitiligo misschien een gevolg is van een toegenomen afscheiding van bepaalde schadelijke stoffen door zenuwuiteinden, die in staat zijn de vorming van melanine (huidpigment) te vertragen en pigmentcellen te verbleken. Ondanks dat dergelijke stoffen nooit direct zijn aangetoond, zijn er wel waarnemingen en onderzoeksresultaten die deze theorie ondersteunen. Zo zijn er gevallen bekend waarbij vitiligo geheel in het verzorgingsgebied van een bepaalde zenuw is gelokaliseerd.