Intimiteit & seksualiteit

18 Spot light! 19 Spot light! We vergeten elkaar vragen te stellen Intimiteit en seksualiteit zijn geen onderwerpen waar iedereen even gemakkelijk over praat. En is er sprake van een huidprobleem, bijvoorbeeld vitiligo , dan kunnen ook factoren als een negatief zelfbeeld, schaamte of onzekerheid een (aanstaande) relatie beïnvloeden. Hoe je met die geremdheid kunt leren omgaan, vertelt seksuologe-psychologe Hanneke Termeer. TEKST: ARNOUD KLUITERS M ensen met vitiligo kunnen ermee te maken krijgen tijdens de eerste, of een la- tere, verliefdheid. Vlinders in de buik, er is een klik. Daarna wacht de volgende ontdekkingsreis, waarin niet iedereen het aandurft de ander al te vertellen over zijn of haar witte vlekken. Laat staan die binnenkort te tonen. Wat zal de reactie zijn? Wat doe je dan? Anderen hebben al langer een relatie als de vitiligo zich openbaart. Is de verhou- ding stabiel, dan is de kans gering dat dit de verhouding in de weg staat. Toch kan iedere verandering er net één te veel zijn. Soms zijn de nieuwe witte vlekken net die spelbreker die de relatie onder druk kan zetten, waardoor het moeilij- ker wordt om jouw veranderde uiterlijk een plek te geven. Maar het kan ook de partner zijn die negatief reageert. Drempel Seksuologe Hanneke Termeer verzorgde afgelopen november een lezing over ‘Huid & Seksualiteit’ tijdens het eerste Happy-met-je-Huidfestival in Utrecht, een evenement van Huidpatiënten Nederland. Ook daar merkte ze dat men- sen niet graag met elkaar praten over seksualiteit. “Een huidaandoening kan dit verder bemoeilijken. Dat kan echt een drempel zijn, waarbij een therapeut kan helpen om stappen vooruit te zetten.” De meeste mensen die Termeer ziet, komen voor klachten als een erectie- stoornis of pijn bij het vrijen. “Maar ik spreek ook mensen met huidproblemen. Er is dan bijvoorbeeld sprake van psori- asis, constitutioneel eczeem of vitiligo, waardoor ze tegen seksuele problemen aanlopen.” Afhankelijk van het soort aandoening ervaren zij tijdens het vrijen bijvoorbeeld pijn of jeuk. “Dit is een fysiek ongemak om niet te onderschatten. De huid is ons grootste seksuele orgaan. Seks betekent aanraken. Als de huid vervelend of droog aanvoelt, kan vrijen en strelen onaange- naam worden.” Er is ook een mentale factor. De eerste keer vrijen met een nieuwe partner; vooral dat is spannend voor mensen met vitiligo. Hoe verspreid zijn de witte vlekken, wellicht zelfs tot aan de erogene zones toe? Wat doe je dan? Neem je de ander vooraf in vertrouwen over jouw vitiligo? Vraag je op het laatste moment of het licht uit mag? Of haak je op het laatste moment af, een derde variant? Zo’n situatie kan mensen onzeker maken of zelfs blokkeren. Als ze er erg mee zit- ten, kunnen ze terecht bij een seksuo- loog. Termeer: “Ik probeer er achter te komen waarom je hulp hebt ingescha- keld. Waarom heb je moeite jezelf bloot te geven? Ben je bang voor de reactie van de ander? Soms is schaamte de oorzaak, of een negatief zelfbeeld. Misschien heb je al eens een vervelende ervaring meegemaakt? Of werd je zelfs afgewe- zen, wat het negatieve zelfbeeld nog eens bevestigt.” Behandeling Tijdens de therapie kan Termeer het huidprobleem op drie manieren benaderen. Die behandeling noemt ze bio-psycho-sociaal. “Eerst kijk ik naar de lichamelijke aspecten van de aan- doening, zoals jeuk, pijn of medicatie. Mogelijk beïnvloeden die het seksueel functioneren? We weten dat sommige medicijnen de seksuele beleving kunnen beïnvloeden.” Vervolgens kijkt ze naar de psycho- logische kanten: er is bijvoorbeeld schaamte en een negatief zelfbeeld. “Met cognitieve gedragstherapie probeer ik de manier van denken te beïnvloeden. Iemand kan zich onaantrekkelijk voelen. Door de vitiligo denk je dat je de moeite niet meer waard bent, je meent dat jouw partner je lelijk vindt. Die gedachten remmen jou af tijdens het vrijen. Of mogelijk zelfs eerder: je ziet er al tegen op om te fl irten.” Reëel De vraag is of dit soort negatieve ge- dachten reëel zijn. “Beeld je het jezelf niet te veel in? Denk je niet te veel voor de ander? Door mijn cliënten vanuit die benadering te confronteren, kunnen ze zich realiseren dat het probleemminder erg is, dat ze het zichzelf zijn gaan aan- praten. Lukt het om te gaan roeien met de riemen die je hebt? Dan is dat een startpunt om het plezier en vertrouwen in elkaar te hervinden.” De seksuologe maakt hiermee de brug naar de derde factor: in hoeverre beïnvloedt jouw huidaandoening de seksuele relatie met de partner? Is het de ander die jou begon af te wijzen, dan is de vraag: waarom? Lag dit werkelijk aan jouw veranderde uiterlijk? Of sluimerde er eigenlijk al veel langer een ander probleem die uitgere- kend in deze nieuwe fase tot uitbarsting kwam? Termeer: “Je ziet dit vaak terug in relaties waarin iets ingrijpends is gebeurd. Dat kan een bevalling zijn, ziekte of in dit Hanneke Termeer is als psychologe-seksuologe aan- gesloten bij de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging voor Seksuologie. Twee dagen per week werkt zij in Amsterdam in het Academisch Medisch Centrum, de overige dagen in haar eigen Seksuologiepraktijk. Ze geeft niet alleen patiënten- zorg, ook verzorgt ze colleges over seksuologie en neemt ze actief deel aan wetenschappelijk onderzoek. “Als partners voor elkaar gaan denken kan een beladen situatie snel ontstaan” Intimiteit & seksualiteit geval een huidaandoening. Dan zijn er aanpassingen nodig, verwachtingen moeten worden bijgesteld. Soms ook in de seksuele relatie, om die leuk te houden. Dit alles vraagt om communi- catie, om er op een andere manier naar te kijken.” Wat ze nogal eens ziet: partners vergeten elkaar vragen te stellen. “Een beladen situatie kan dan snel ontstaan, omdat ze voor elkaar gaan denken. Waar ik in dit geval als therapeut op focus, liefst met de partner erbij: jouw huidaandoening is weliswaar een feit, maar hoe ga je hiermee om? Welke gevoelens heb je en durf je die wel uit te spreken?” Uiteindelijk probeer ik beiden weer het plezier in elkaar te laten hervinden. Ik kan mensen oefeningen aanreiken om de intimiteit weer terug te vinden.” “Ik wist niet hoe ik het moest zeggen” “Flirten? Zelfs dat durfde ik niet meer” “Ik hoopte dat het licht uit zou blijven” “De therapie heeft ons goed geholpen” “Ik ben niet langer bang voor zijn reactie” “Ik beeldde mezelf veel te veel in”

RkJQdWJsaXNoZXIy NzkyMjk=