Spotlight 02-2020
18 Spot light! hogere factor zoals 50 kan ook zijn dat mensen geneigd zijn minder of minder vaak te smeren omdat ze zich veiliger wanen met een hogere SPF. Eetlepels De praktijk is weerbarstiger: veel men- sen gebruiken er veel te weinig van voor een optimale bescherming. Een volwas- sene die zich van top tot teen insmeert moet daarvoor per keer 6 tot 7 eetlepels gebruiken. Dat komt neer op 33 milliliter. Met een fles van 200 milliliter kun je je dus een keer of zes insmeren. Je hoeft geen Einstein te zijn om te besef- fen dat die dure fles er met meerdere gebruikers in no time doorheen gaat. Wolkerstorfer: ”Gevolg is dat mensen zich minder dik ermee insmeren, dit minder vaak doen en ook niet grondig genoeg. Zo blijft er van de gebruikte factor 50 veel minder over.” Tel daarbij op dat het product ‘slijt’: je zweet, je gaat er met je handdoek of kledingstuk langs, gaat zwemmen of beweegt in het zand. Waterbestendig zonnebrandmiddel of niet, het is beter om je dan binnen de ideale twee uur opnieuw in te smeren. Wees dus ook met de belofte ‘waterproof ’ alert: lang niet altijd wordt die belofte waargemaakt. Factoren Wolkerstorfer wijst op nog een paar factoren die mede bepalen of jouw huid sneller kan verbranden. “Waar bevind je je op dat moment? Zelfs een zitplaats onder een parasol biedt geen garantie. In de nabijheid van water, zand of steen – waarop het zonlicht weerkaatst – loop je meer kans op verbranding dan op een grasveld.” Veel mensen gebruiken te weinig zonnebrand- middel voor een optimale bescherming dat mogelijk niet hoog genoeg? En ga je bijvoorbeeld voor een crème, een spray of een olie? Zo zijn er veel vragen om te beantwoor- den. Neem de beschermingsfactor voor een bepaald huidtype bijvoorbeeld, ook bekend onder de afkorting SPF ( Sun Protection Factor ). Hoe lichter de huid, hoe hoger de benodigde beschermings- factor. Om de SPF te behouden die op de verpakking staat vermeld, moet je je om de twee uur ermee insmeren. Komt bij een product met factor 15 nog 7 procent UV-straling door de opgesmeerde filter, bij factor 50 is dit nog maar 2 procent, bij factor 100 (wat in Nederland niet te koop is) slechts 1 procent. Wolkerstorfer: “Zoveel meerwaarde geeft een heel hoge SPF dus niet. Intussen wordt wel de indruk gewekt dat je er langer mee in de zon kunt blijven, wat het risico op huidkan- ker verhoogt. De SPF houdt hiermee geen rekening.” Ervaringen Veel mensen met vitiligo geven de voorkeur aan SPF 50, anderen zeggen prettige ervaringen te hebben met SPF 30. Sommige dermatologen zeggen factor 50 aan de hoge kant te vinden, omdat je de dikker ingesmeerde witte plekken minder kans geeft om op een natuurlijke manier te worden belicht. Vergelijk het met lichttherapie, zeggen ze. Daarbij wordt UVB gebruikt om de eventueel nog aanwezige pigmentcellen in en rondom de haarwortelzakjes in de witte huid te stimuleren en daarmee te hopen op hernieuwde pigmentvorming in de witte huid. Het nadeel van een Jaarlijks test de Consumenten- bond zonne- brandsprays en -crèmes in tubes of flessen. Ondanks de prijsverschillen blijkt dan dat de kwaliteit ervan elkaar niet veel ontloopt. Welke zonnebrand voor wie en wanneer geschikt is, is niet voor iedereen duidelijk. Het aanbod in merken is groot en je kunt kiezen uit verschillende opties. Wel komt het soms voor dat producten een lager cijfer of een onvoldoende scoren, omdat ze een ingrediënt bevatten dat de organisatie liever niet in zonne- brand ziet: het geeft bijvoorbeeld huidirritatie of het leidt tot een allergische reactie van de huid. Ook komt het voor dat ze de geclaimde SPF niet waarmaken. Ben je allergisch voor gepar- fumeerde producten? Kies dan een zonnebrandmiddel zonder parfumbestanddelen. Meer we- ten? Zie consumentenbond.nl . Op onze besloten Facebookpagi- na lees je persoonlijke verhalen van mensen met vitiligo over hun ervaring met bepaalde merken zonnebrandmiddelen. Ook jouw ervaring kun je daar plaatsen.
RkJQdWJsaXNoZXIy NzkyMjk=