Zon en vitiligo: past dat bij elkaar? Zeker wel! Zonlicht is juist goed, als je maar voorkomt dat je verbrandt. En elk zonnebrandmiddel voldoet. 

Binnenblijven omdat je vitiligo hebt? Dat is een fabeltje. Vroeger werd dat advies misschien gegeven, maar inmiddels is bekend dat dit onterecht is. Met vitiligo kun je gewoon de zon in, als je er maar voor zorgt dat je huid niet verbrandt. Dat doe je door te smeren met een zonnebrandmiddel. De een verbrandt sneller dan de ander, en dat geldt ook voor mensen met vitiligo. Maar voor iedereen geldt: beter wat vaker smeren met factor 30, dan één keer met factor 50. Want zonnebrandmiddel ‘slijt’ op de huid, dus je moet toch regelmatig bijsmeren.

Natuurlijke lichttherapie
Daar komt nog bij dat je door het gebruik van factor 50 jezelf de kans ontneemt op natuurlijke lichttherapie. Want UVB-straling helpt de eventueel nog aanwezige pigmentcellen te groeien. Op dat principe is immers ook de behandeling met licht gebaseerd. De zon biedt je gratis een natuurlijk lichtbad, en wie weet levert dat nog een beetje repigmentatie op. Met factor 50 sluit je de huid echter vrijwel helemaal af van het zonlicht. Dermatoloog en pigmentspecialist Wietze van der Veen adviseert mensen met vitiligo daarom om factor 30 te gebruiken en elke twee uur opnieuw te smeren.

Welk merk zonnebrandmiddel je kiest, maakt niet uit. Want uit een test van de Consumentenbond van een aantal jaren geleden bleek dat alle zonnebrandmiddelen, duur of goedkoop, goed scoren op UV-bescherming. Je kunt dus gewoon kiezen welk merk je lekker vindt. Uit een recenter onderzoek bleek dat de op de flesjes genoemde beschermingsfactor niet altijd klopt. Een reden te meer om elke twee uur opnieuw in te smeren.

Lees hier het interview met dr. Van der Veen over zon en vitiligo, dat in juni 2016 in het ledenblad Spotlight! van VItiligo.nl stond.